Net Zero Carbon Events na vijf jaar: van afspraken naar uitvoering
Vijf jaar na de start telt Net Zero Carbon Events ruim 775 deelnemers in 74 landen. Op IMEX America maakte het initiatief bekend dat het kader af is en het werk nu begint, met locaties als eerste aan de beurt. Wat betekent dat voor jou als je een locatie kiest?

Een handtekening onder een doel
Wie de afgelopen jaren een congres of beurs organiseerde voor een grotere opdrachtgever, heeft in een aanvraag waarschijnlijk wel eens de vraag zien staan of de locatie of het bureau zich had aangesloten bij Net Zero Carbon Events. Dat initiatief ging in 2021 van start als gezamenlijke belofte van de internationale vergader- en evenementenbranche om de uitstoot van events tegen 2030 te halveren en tegen 2050 op netto nul te brengen, in lijn met het klimaatakkoord van Parijs. Het tekenen van die belofte was voor veel organisaties de makkelijke stap, omdat het vooral een intentie vastlegde, terwijl de vraag hoe je dat aanpakt in een concrete zaal, met een concrete cateraar en met bezoekers die van ver komen, voor een groot deel bij de deelnemers zelf bleef liggen.
De presentatie in Las Vegas
Op IMEX America, de grote vergaderbeurs die van 11 tot en met 15 oktober in Las Vegas plaatsvond, blikte het initiatief terug op vijf jaar en maakte het bekend welke kant het nu op gaat. Het aantal aangesloten organisaties is sinds de start ruim verdrievoudigd en staat inmiddels op meer dan 775, verspreid over 74 landen, en het geheel valt onder de Joint Meetings Industry Council, het samenwerkingsverband van internationale brancheverenigingen in de vergaderwereld. James Rees, president van die council, noemde het jubileum een moment om de balans op te maken, en die balans komt erop neer dat het theoretische kader nu af is en dat de aandacht verschuift naar het uitvoeren ervan.
Wat er concreet verandert
Sinds juni heeft het initiatief met Johanna Fuhlendorf een nieuwe programmadirecteur, die de leden meer betrokkenheid in het vooruitzicht stelt in de vorm van een maandelijkse nieuwsbrief, gratis webinars elk kwartaal en handleidingen die stap voor stap uitleggen hoe je bij je eigen organisatie begint. Strategie en bestuur worden tegelijk herzien, en later dit jaar krijgen de leden een enquête waarin ze kunnen aangeven waar zij de komende jaren het meest aan hebben. De eerste trainingsronde is bedoeld voor locaties, waarna de andere schakels in de keten aan de beurt komen, van bureaus en standbouwers tot cateraars en vervoerders.
Waarom locaties als eerste
Dat de locaties voorop gaan, is goed te verklaren als je kijkt naar wat een gebouw zelf in de hand heeft. Energie, verwarming, koeling, afvalscheiding en de keuken liggen grotendeels binnen de muren van de locatie, en juist die posten kun je met eigen gegevens meten en van jaar tot jaar vergelijken. Het Javits Center in New York, lid vanaf het eerste jaar, werd als voorbeeld genoemd met zonnepanelen op het dak, een afvalscheidingspercentage van 44 procent en een meting van de eigen directe uitstoot en die van ingekochte energie, in rapportagetermen scope 1 en scope 2. Spectaculair zijn die cijfers niet, en misschien is dat juist het punt, want een locatie die weet waar ze staat kan daarna gericht kiezen wat ze als volgende aanpakt.
De grootste post ligt buiten de zaal
Voor organisatoren zit de lastigste vraag ergens anders. Het Britse duurzaamheidsbureau isla analyseerde de gegevens van bijna duizend Europese events uit 2024 en kwam uit op gemiddeld 39 procent van de totale uitstoot die door de reis van het publiek wordt veroorzaakt, terwijl de overige 61 procent komt uit zaken waar je als organisator zelf over beslist, zoals standbouw, energie, catering en het vervoer van materiaal. IMEX liet in het duurzaamheidsrapport over de eigen editie van 2025 zien hoe dat in de praktijk uitpakt, want van 90 procent van de reizen van bezoekers werden gegevens verzameld en die reizen bleken de grootste bron van uitstoot, een gebied waar volgens de organisatie het meeste werk ligt. Het doel van IMEX is inmiddels om de uitstoot tegen 2030 met 20 procent te verlagen, wat bescheidener klinkt dan de oorspronkelijke ambitie maar wel rust op wat er werkelijk gemeten is.
Wat dit betekent als je een locatie kiest
Voor een organisator in Nederland maakt deze koerswijziging het gesprek met een locatie eenvoudiger, omdat er een gedeelde taal ontstaat voor vragen die nu per offerte nog op een andere manier worden beantwoord. Je kunt vragen of een locatie haar energieverbruik per evenement kan aangeven, hoe het afval gescheiden wordt en welk deel daarvan echt wordt hergebruikt of gerecycled, en of de keuken kan laten zien wat een plantaardig menu scheelt ten opzichte van een menu met vlees. Hoe meer locaties de handleidingen van het initiatief gaan gebruiken, hoe vaker het antwoord op zulke vragen uit een meting komt in plaats van uit een brochure.
Meten en planten naast elkaar
Bij Greenbookings zie je het resultaat van een boeking terug in bomen die via Life Terra in de grond gaan, en dat is iets anders dan het meten en verlagen van de uitstoot op de locatie zelf. Beide horen bij een event dat je bewust organiseert, waarbij de meting laat zien waar de uitstoot zit en wat je volgend jaar anders kunt doen, terwijl de bomen een tastbaar en controleerbaar gevolg zijn van de boeking die je nu maakt. Een locatie die haar eigen cijfers op orde heeft en via zo'n systeem bijdraagt, geeft je twee dingen om mee terug te nemen naar de opdrachtgever.
Vijf jaar verder
Het initiatief begon met een belofte en schuift nu op naar het werk dat daarbij hoort, wat voor de branche waarschijnlijk meer oplevert dan een nieuwe ronde handtekeningen. Voor je volgende event is de vraag daarom minder of de locatie zich ergens bij heeft aangesloten, en meer of ze je kan vertellen wat jouw bijeenkomst daar heeft gekost aan energie, afval en uitstoot, zodat je de keer daarna weet waar je het beste kunt beginnen.



